“En… kunnen we landen?” Jeroen de instructeur die naast me zit in het vliegtuig kijkt me vragend aan. Ik wil wel landen, maar gewoon een ‘ja’ is niet voldoende als antwoord. Hij wil een onderbouwde reactie met feitelijke informatie. Hoe lang is de baan? Hoe staat de wind? Wat is de helling? Enzovoort. Allemaal informatie die ik na drie keer een pass te hebben gemaakt over dit veldje paraat moet hebben. Ik geef alle cijfers, mijn analyse en conclusie. Hij knikt instemmend en we draaien richting de baan om nu daadwerkelijk te landen. Het is mei en ik ben samen met acht andere studenten, vier vliegtuigen en vijf instructeurs naar Duitsland gevlogen voor een vliegkamp.

Lees hier verder in de nieuwsbrief